Taking too long? Close loading screen.
Home / Uncategorized / Cass. 27 februari 2014 ERC 705

Cass. 27 februari 2014 ERC 705

/
/
122 Views

Hof van Cassatie van België
Arrest
Nr. C.13.0306.N
ALGEMENE ONDERNEMINGEN AERTS nv
, met zetel te 2500 Lier, Paaie-
straat 9,
eiseres,
vertegenwoordigd door mr. Paul Wouters, advocaat bi
j het Hof van Cassatie, met
kantoor te 3000 Leuven, Koning Leopold I-straat 3,
waar de eiseres woonplaats
kiest,
tegen
REGIE DER GEBOUWEN
, vertegenwoordigd door de staatssecretaris voor
Staatshervorming en voor de Regie der gebouwen, met
kantoor te 1060 Brussel,
Gulden Vlieslaan 87, bus 2,
verweerder,
vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat b
ij het Hof van Cassatie, met
kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187, bus 302,
waar de verweerder woon-
plaats kiest.
27
FEBRUARI
2014
C
.13.0306.
N
/
2
I.
RECHTSPLEGING VOOR HET HOF
Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van
het hof van beroep te Antwerpen
van 20 december 2012 op verwijzing na het arrest va
n het Hof van 7 april 2005.
Raadsheer Geert Jocqué heeft verslag uitgebracht.
Advocaat-generaal Christian Vandewal heeft geconclu
deerd.
II.
CASSATIEMIDDEL
De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit
arrest is gehecht, een middel
aan.
III.
BESLISSING VAN HET HOF
Beoordeling
Eerste onderdeel
1.
Krachtens het toepasselijke artikel 16 A ministerie
el besluit van 14 oktober
1964 aangaande de administratieve en technische con
tractuele bepalingen die het
algemeen lastenkohier van de overeenkomsten van de
Staat uitmaken, kan de aan-
nemer zich beroepen op feiten, die hij aan het best
uur of zijn personeel ten laste
legt en die voor hem oorzaak zijn van een vertragin
g en/of een nadeel met het oog
op het verkrijgen, desgevallend van verlenging van
de uitvoeringstermijnen, her-
ziening of verbreking van de overeenkomst en/of sch
adeloosstelling.
De verbintenis om de schade te herstellen die het g
evolg is van een vertraging in
de uitvoering van de verbintenis van het Bestuur is
een waardeschuld, aangezien
het bedrag van de schadevergoeding volledig aan de
beoordeling van de rechter is
overgelaten. De niet-uitvoering van deze verbinteni
s heeft geen betrekking op de
betaling van een welbepaald bedrag.
2.
De appelrechters stellen vast dat de eiseres een ve
rgoeding voor schade we-
gens productieverlies ingevolge het uitblijven van
het aanvangsbevel verkreeg. Zij
27
FEBRUARI
2014
C
.13.0306.
N
/
3
oordelen dat de toekenning van deze vergoeding moet
worden gekwalificeerd als
de betaling van een geldsom in de zin van artikel 1
153 Burgerlijk Wetboek.
3.
De appelrechters die op deze gronden de vordering v
an de eiseres voor een
vergoeding voor muntontwaarding op de vergoeding vo
or schade wegens produc-
tieverlies ingevolge het uitblijven van het aanvang
sbevel ongegrond verklaren,
verantwoorden hun beslissing niet naar recht.
Het onderdeel is gegrond.
Tweede onderdeel
4.
Krachtens artikel 1794 Burgerlijk Wetboek kan de op
drachtgever de aan-
neming door zijn enkele wil verbreken, ook al is he
t werk reeds begonnen, mits
hij de aannemer schadeloos stelt voor al zijn uitga
ven, al zijn arbeid, en alles wat
hij bij die aanneming had kunnen winnen.
De verbintenis om de schade te herstellen die het g
evolg is van de verbreking van
een aanneming door de opdrachtgever is een waardesc
huld, aangezien het bedrag
van de schadevergoeding volledig aan de beoordeling
van de rechter is overgela-
ten. De niet-uitvoering van deze verbintenis heeft
geen betrekking op de betaling
van een welbepaald bedrag.
5.
De appelrechters stellen vast dat de eiseres een ve
rbrekingsvergoeding werd
toegekend berekend op de geactualiseerde waarde van
de opdracht op 6 mei 1982.
Zij oordelen dat deze vergoeding die forfaitair wer
d berekend op de geactualiseer-
de waarde van de aannemingssom als vergoeding voor
de winstderving en de niet-
recupereerbare kosten, een schuldvordering betreft
van een op numerieke wijze
vastgestelde geldsom en niet een schuldvordering wa
arvan het bedrag door de
rechter moet worden geraamd.
6.
De appelrechters die op deze grond de vordering van
de eiseres voor de ver-
goeding voor muntontwaarding op de verbrekingsvergo
eding ongegrond verkla-
ren, verantwoorden hun beslissing niet naar recht.
Het onderdeel is gegrond.
27
FEBRUARI
2014
C
.13.0306.
N
/
4
Dictum
Het Hof,
Vernietigt het bestreden arrest in zoverre het oord
eelt over de vergoeding van
muntontwaarding op de verbrekingsvergoeding en op d
e vergoeding voor produc-
tieverlies en het uitspraak doet over de kosten.
Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaa
kt op de kant van het gedeel-
telijk vernietigde arrest.
Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtre
nt aan de feitenrechter over.
Verwijst de aldus beperkte zaak naar het hof van be
roep te Gent.
Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van C
assatie, eerste kamer, samen-
gesteld uit afdelingsvoorzitter Eric Dirix, als voo
rzitter, en de raadsheren Beatrijs
Deconinck, Alain Smetryns, Koen Mestdagh en Geert J
ocqué, en op de openbare
rechtszitting van 27 februari 2014 uitgesproken doo
r afdelingsvoorzitter Eric Di-
rix, in aanwezigheid van advocaat-generaal Christia
n Vandewal, met bijstand van
griffier Frank Adriaensen.
F. Adriaensen G. Jocqué K. Mestdagh
A.
Smetryns
B. Deconinck E. Dirix

Cass. 27 februari 2014 ERC 705
Geef ons jouw stem!
  • Facebook
  • Twitter
  • Google+
  • Linkedin

Leave a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *

It is main inner container footer text