Taking too long? Close loading screen.
Home / Uncategorized / Rol nr 70.104-86

Rol nr 70.104-86

/
/
22 Views

Arbrb. Brussel (2de k.), 5 januari 1987

Zet. : H. Declerck, kam. voorz.; H. Vander Elst en Mw. Van Hove, recht. soc. zak.

Op. min. : H. Magnus, subst. arb. aud. (eensi. adv.)

Pleit. : H. Baeke, synd. afg. en Mr Bouten loco Chantelot

S.M. t/ n.v. Schober Direktmarketing (A.R. nr 70.104/86)

 

IN FEITE

Overwegende : dat eiseres in het raam van de Arbeidsovereenkomstenwet van 3 juli 1978 (W.A.O.) sinds 7. augustus 1983 in dienst was als bediende bij verweerster en dat zij door deze laatste bij schrijven dd. 30 november 1984 conform art. 37 W.A.O. werd afgedankt met een opzeggingstermijn van 3 maanden ingaande op 1 december 1984.

Overwegende dat de eis zoals omschreven in de dagvaarding strekt tot de betaling van 16.000 F wegens ongewettigde inhouding op het loon uitgevoerd door verweerster naar aanleiding van een door beide partijen op 12 juli 1984 ondertekende scholingsclausule.

In de overeenkomst tussen partijen was namelijk volgende clausule voorzien : “Mevrouw S. verbindt er zich toe tegen die datum een intensieve cursus Duits te volgen’ die haar in de mogelijkheid stelt haar taak naar behoren uit te voeren. Na deze intensieve kursus zal zij haar kennis van de Duitse taal verder blijven ontwikkelen. De kosten van deze intensieve kursus zullen door de Firma P. betaald worden onder de vorm van een lening. Mocht Mevrouw P. om eender welke reden binnen een periode van drie jaar de Firma verlaten dan zal deze lening van het laatste salaris afgetrokken worden. Na verloop van drie jaar vervalt deze lening.”

VOORWERP VAN DE VORDERING

Eiseres houdt voor dat de tekst van de overeenkomst er duidelijk op wijst dat zij bewuste lening slechts dient terug te betalen wanneer zij-zelf uit eigen initiatief het bedrijf vrijwillig verlaat.

Aangezien de overeenkomst eenzijdig werd opgezegd door de werkgever is de clausule niet van toepassing en heeft verweerster ten onrechte de prijs van de lening van haar laatste loon ingehouden.

Verweerster houdt voor dat de betwiste clausule door beide partijen werd ondertekend en rechtsgeldig is zodat de looninhouding terecht werd uitgevoerd.

IN RECHTE

Sedert het cassatiearrest van 19 september 1973 (TS.R., 1974, 39) wordt door de rechtspraak algemeen aanvaard dat de scholingsclausule, aangegaan tussen partijen, volkomen rechtsgeldig is wanneer ze er toe strekt de werkgever te vergoeden voor de schade die hij ondergaat wanneer een werknemer, voor wie hij – soms zware – scholingskosten heeft betaald, uit eigen vrije wil de onderneming verlaat.

Volgens de interpretatie die verweerster aan voornoemde clausule heeft gegeven zou zij tevens ook aanspraak kunnen maken op de terugbetaling van de z.g. lening wanneer de werkgever eenzijdig tot de opzegging of afdanking van betrokkene overgaat.

De Rechtbank oordeelt ter zake dat dergelijke overeenkomst zou nietig zijn omdat ze een louter zuivere potestatieve voorwaarde inhoudt in de mate dat ze de werkgever recht geeft op een schadevergoeding voor een situatie die hij in feite door de afdanking van de werknemer zelf in het leven heeft geroepen.

Aangezien de betwiste clausule, zoals door verweerster toegepast, nietig is, heeft zij ten onrechte 16.000 F afgehouden van het laatste loon van eiseres en past het haar tot de terugbetaling van voornoemd bedrag te veroordelen.

Rol nr 70.104-86
Wat vond je van deze pagina? Geef ons een rating!
  • Facebook
  • Twitter
  • Google+
  • Linkedin
  • Pinterest

Leave a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *

It is main inner container footer text